over Erika

Noordwijk, vlak na de oorlog. Erika was 3 en groeide op met ouders en 3 broers. Had toen al de drang om iets te creƫren. Maar waarmee?. Moeder zorgde altijd dat er iets was om mee te knutselen. Zakjes, verpakkingen of kleurrijke snoeppapiertjes. Met knippen en plakken ontstonden de eerste kunstwerkjes.

Een beklemmend verleden, met een dominante en egocentrische vader. Hij kon niets van de kinderen verdragen. Een goed gesprek was niet mogelijk. Misschien droeg dat er toe bij dat er zoveel emotie in haar werk zit. Want in haar werkjes kon ze haar emoties kwijt. Haar manier om haar gevoel te uiten.

Op school deed ze niet zo haar best. Na de basisschool en de ULO moest ze naar de Kweekschool. Maar ze wilde naar de Kunstacademie. Het koste flink wat strijd, maar het lukte. Daar ging ze los. Ze leerde de meest uiteenlopende technieken, maar koos uiteindelijk haar eigen vorm: gemengde technieken en acryl.

Boosheid en verdriet, passie en geluk: alles is uit haar werk af te lezen. Zij hoeft niet meer tegen deuren te trappen om emoties kwijt te geraken. Die worden nu gewoon tegen het doek gesmeten. Gevoelens drukken een heldere stempel, krijgen vorm in ferme halen, rake zetten en sprekende kleuren.

Ze denkt in kleuren, ze ziet ze ook. Visualisatie, een methode die ze leerde in India. Door met mensen in gesprek te gaan komen beelden en kleuren binnen. Zo krijgt de binnenwereld vorm en kleur. Hiermee kan ze mensen helpen. Eigenlijk is het een verlengstuk van haar werk. Kleurrijk, lyrisch en bomvol gevoel.